Jacques Herb: ‘Een combinatie van rust en het land zien, is wel mijn ultieme vakantie.’

Jacques Herb: ‘Eigenlijk ben ik al tevreden met een vakantie dichtbij huis met de volgende ingrediënten: zon, zee, strand en mijn vrouw!’ (foto: Jacques Herb)

Van onze redactie – Het hebben van vrije tijd is mateloos populair. Natuurlijk vult niet iedereen dat op dezelfde manier in. In deze reeks artikelen van Lezerzzz worden een aantal vragen over dit onderwerp en andere zaken aan de meest uiteenlopende Nederlanders gesteld. Dit keer is dat Jacques Herb, bekend Nederlands zanger.

Je bent de jongste uit een gezin van dertien kinderen. Kun je omschrijven hoe je jouw jeugd hebt ervaren?

‘Ik wil niet gelijk dramatisch beginnen, maar door deze vraag moet ik wel. Helaas heb ik geen leuke jeugd gehad, doordat mijn ouders gingen scheiden. Toen ik net één jaar was werd het hele gezin uit elkaar gehaald en gingen al mijn broers en zussen naar kindertehuizen en pleeggezinnen. In eerste instantie bleef ik bij mijn moeder. Dat mocht niet lang duren omdat mijn moeder tuberculose kreeg en naar een sanatorium moest. Daardoor belandde ik ook in een kindertehuis. Eerst bij de nonnen en toen ik wat ouder was in De Vluchtheuvel in Scheveningen. Hoe goed iedereen misschien daar ook zijn best deed voor de kinderen, het gemis van een vader, moeder, broertjes en zusjes bleef. Dus ik kan niet spreken over een fijne jeugd. Wanneer mijn moeder weer wat opgeknapt was, dan verbleef ik ook periodes thuis. Maar doordat ik een niet zo’n fijne stiefvader had, waren ook die periodes niet leuk.’

Toen je vijftien jaar oud was, monsterde je aan bij de wilde vaart en liet je in zeehavens jouw zangtalent horen. Was toen al voor jou duidelijk dat je zanger wilde worden?

‘Doordat ik in Scheveningen in het kindertehuis vaak uit het raam naar de zee staarde, wilde ik graag gaan varen. Maar daar moest je vijftien jaar en drie weken voor zijn. Voordat ik die leeftijd bereikte, moest mijn moeder tekenen om een monsterboekje te krijgen zodat ik kon gaan varen. Aan boord had ik mijn gitaar mee en de zeebonken wilden ‘s avonds graag vermaakt worden met mijn muziek en zang. Toen we diverse havens in allerlei wereldsteden aandeden, bleek dat men daar ook steeds weer onder de indruk was van mijn talent. Zo ontstond stiekem de droom om zanger te worden, maar ik kon toen nog niet vermoeden dat die droom ooit uit zou komen.’

Werd je door jouw ouders gestimuleerd om te zingen?

‘Gestimuleerd is een groot woord, maar mijn stiefvader draaide langspeelplaten van Mario Lanza. Dat vond ik zo machtig mooi, zoveel passie en emotie in de muziek en in de stem. Ik lag in mijn bed mee te zingen. Toen ik wat ouder werd, kocht ik op afbetaling een gitaar en ging wat akkoorden leren. Langzaam maar zeker kon ik mezelf op de gitaar begeleiden met liedjes van onder meer Elvis Presley, Cliff Richard en The Everly Brothers. Natuurlijk bleef ik ook de nummers van onder meer Mario Lanza zingen! Mijn grote twee voorbeelden en inspiratoren zijn toch wel Mario Lanza en Elvis Presley.’

Niemand van jouw broers en zussen zijn hetzelfde vak ingegaan?

‘Nee, hoewel sommigen van hen best aardig konden zingen. Ze vonden wat ik deed, zo op de bühne staan voor al die mensen, doodeng. Dus bleef het bij hen bij “tussen de schuifdeuren” zingen. Het leverde veel hilariteit op als we weer eens bij elkaar waren op latere leeftijd, want dan ontstonden er spontaan geïmproviseerde opera’s. Ik heb mijn broers en zussen in mijn jeugd weinig of niet gezien, doordat iedereen ergens anders verbleef.’

In 1971 behaalde je een groot succes met het nummer “Manuela”. Pas geboren kinderen werden zelfs naar jouw nummer genoemd.

‘Ik moet eerlijk zeggen dat ik het grote succes niet zag aankomen. Maar toen het eenmaal daar was, schaamde ik me soms zelfs een beetje omdat je de radio of televisie niet aan kon zetten of “Manuela” kwam voorbij! En in die tijd ontving ik inderdaad veel geboortekaartjes van pasgeboren meisjes die door hun ouders liefdevol “Manuela” waren genoemd. Diezelfde ouders konden toen niet weten dat hun dochter hiermee gepest zou kunnen worden. Althans, dat hoor ik nu nog wel eens van “Manuela’s” die het er soms best moeilijk mee hadden dat er steeds weer voor hen werd gezongen. Gelukkig konden ze hun naam op latere leeftijd wel waarderen. Soms zoeken ze me op om toch even op de foto te kunnen met de zanger van het lied waar ze naar vernoemd zijn.’

Waar moet een goed Nederlands lied aan voldoen?

‘Het moet een verhaal hebben. Dat is ook gelijk het moeilijke aan zelf componeren en teksten schrijven. Ik maak meestal eerst de muziek omdat ik dat vanuit mijn gevoel en emotie maak. Dan probeer ik er een tekst bij te maken, maar daar kan ik soms lang over doen. Tegenwoordig geef ik de tekst ook vaak uit handen. Mijn laatst verschenen single “Maar nu…” is dan wel een cover, maar de tekst heb ik samen met iemand anders gemaakt. Het gaat over positief ouder worden! Iedereen kent het wel. Of je nu dertig jaar of zestig jaar bent, je hebt wel eens van die dagen dat als je bijvoorbeeld op stap bent geweest, dat je denkt dat het een aantal jaren geleden toch allemaal iets gemakkelijker ging. Maar ondanks alle ongemakken: zolang je leven mag, leef en geniet van elke dag!’

Wordt volgens jou op de publieke zenders genoeg aandacht besteed aan het ten gehore brengen van het Nederlandstalige lied?

‘Nee, absoluut niet! Op de publieke radio sowieso niet. Als ze al eens een keer een Nederlandstalig lied laten horen, heb je weer met een soort nivellering te maken. Nederpop kan dan wel, maar levenslied weer niet! En op de publieke televisiezenders is er eigenlijk maar één Nederlandstalig muziekprogramma te vinden en daar zie je bijna altijd dezelfde mensen in.’

Met wie zou je nog wel eens een duet op willen nemen?

‘Het liefste met Helene Fischer, zij komt uit Duitsland, dat is echt een “powervrouw” met een prachtige stem.’

Wat doe je het liefst in je vrije tijd?

‘Muziek is en blijft mijn grootste hobby dus in mijn vrije tijd ben ik meestal ik mijn midi-studio te vinden. Nieuwe nummers componeren voor mezelf of voor anderen. Daarnaast ben ik echt een filmgek, dus ik verslind films en series bij het leven. Fietsen en wandelen met onze hond doe ik ook vaak samen met mijn “Darling Diny”, zoals iedereen haar ondertussen kent. Hoewel ik een goed weer fietser en wandelaar ben.’

Wat vind je de leuke en minder leuke kanten van je vak?

‘Eigenlijk ben ik een gezegend man dat ik van mijn grootste hobby mijn beroep mocht maken! Dus de meeste dingen in het vak zijn leuk en daar geniet ik nog steeds van. Natuurlijk heb ik wel eens frustraties over bepaalde dingen in het vak, maar dat mag de pret van het zingen niet drukken. De variatie maakt het leuk. Natuurlijk zijn er contrasten. Dat ik de ene keer in een bomvol stadion sta en dan weer in een huiskamer, in een bruine kroeg, in een feesttent of zelfs in kerken bij bruiloften. Wat minder leuk is zijn optredens in crematoria. Maar ik ben wel gezegend om het te mogen en te kunnen doen. Met je stem en je muziek die emotie overbrengen zodat er altijd wel meegezongen, gelachen, gedanst en soms ook gehuild wordt. Dat laatste is ook mooi want muziek is emotie, gevoel, een lach en een traan.’

Als je jezelf zou moeten omschrijven in één zin, hoe zou je dit dan doen?

‘Eerlijk, oprecht, een open boek en iemand die de toppen en dalen gekend heeft. Die blij is dat hij na 47 jaar nog steeds mag doen wat hij het liefste doet: zingen!’

Wat vind je het leukste aan wat je tot nu toe in jouw loopbaan hebt meegemaakt?

‘Het leukste en het mooiste was toch wel het winnen van het Songfestival in Sopot (Polen) in 1972! Ik won daar, met “Manuela” en “De Toreador”, gewoon in de Nederlandse taal, de Grand Prix du Disque. Een staande ovatie van bijna tien minuten viel mij ten deel. Van mensen die geen woord hadden verstaan van wat ik zong, maar de emotie bij “Manuela” duidelijk voelden en daarnaast de vrolijkheid van “De Toreador” oprecht waardeerden. Dan kom je daarna terug op Schiphol en wordt je ontvangen als een ware held, met een viproom, journalisten, fans, noem maar op. Het is zo jammer dat daar geen beelden meer van zijn.’

Als muziek nooit had bestaan, wat was je dan geworden?

‘Voordat ik definitief doorbrak met zingen had ik een goede job op een reisbureau. Dat was ook erg leuk en afwisselend werk om te doen. Ik kreeg keer op keer promotie en was dan waarschijnlijk hotelinspecteur of iets dergelijks geworden.’

Hoe kom jij tot rust?

‘Eigenlijk gewoon lekker thuis samen met mijn “Darling Diny” genieten van een lekkere zelfbereide maaltijd. Daarnaast kijk ik graag naar films.’

Luister je vaak naar muziek?

‘Eigenlijk niet zo heel vaak. Dat komt omdat ik natuurlijk zelf veel bezig ben met muziek componeren en dergelijke. Meestal alleen in de auto maar dan zijn we altijd met zijn tweetjes. Onze muziekvoorkeuren liggen nogal uiteen dus dan staat er meestal een nieuwszender op zoals BNR. Maar als ik thuis luister dan is het naar onder meer Mario Lanza.’

Waar mogen ze je ‘s nachts voor wakker maken?

‘Eigenlijk nergens voor, maar als ze me dan toch persé wakker willen maken, doe dan maar voor een optreden met een groot symphonisch orkest. Dat is immers mijn grote droom! Alleen zal iemand me dan moeten knijpen of ik niet droom, haha.’

Wat betekent gezondheid voor je? Doe je bijvoorbeeld actief aan sport?

‘Gezondheid is belangrijk, niet alleen voor mij maar voor iedereen natuurlijk. Ik ben niet echt een actieve sporter meer, maar beweeg wel veel en wandel en fiets. Niet omdat ik het zo leuk vind, maar omdat het gewoon noodzakelijk is dat je blijft bewegen. En natuurlijk op de bühne spring en rock and roll ik. Dat kost ook de nodige energie en geeft voldoende beweging. Ik heb tot voor kort aan Walking Football gedaan, bij Heracles en Go Ahead Eagles. Dat is voetbal voor 60+ en was erg leuk om te doen met de trainingen, competities en dergelijke. Helaas waren de trainingen en de wedstrijden bij Go Ahead Eagles altijd in het weekend en dat valt niet te combineren met mijn vele optredens die toch voor het grootste deel in het weekend plaatsvinden. Voor een optreden moet ik gewoon tweehonderd procent opgeladen zijn en ga ik niet eerst de hele morgen of middag trainen. Verder ben ik een echte vitaminefreak en slik ik al ruim 25 jaar vele vitamines en supplementen, anti-oxidanten en dergelijke. Ik voel me daar goed en fit bij.’

Wat is jouw meest favoriete vakantieland?

‘Bali was toch wel een van de landen waar wij een fantastische vakantie hebben gehad, en nog wel een keer naar terug willen. We zijn daar “opnieuw” getrouwd toen we 12,5 jaar getrouwd waren. Dat was echt apart, een Balinese bruiloft in Balinese kleding. Nadeel is de lange reis, zeker voor iemand met vliegangst. Eigenlijk ben ik al tevreden met een vakantie dichtbij huis met de volgende ingrediënten: zon, zee, strand en mijn vrouw!’

Wil je veel zien van een land of neem je liever alle rust?

‘Een combinatie van rust en het land zien, is wel mijn ultieme vakantie. Maar het liefst ben ik drie weken weg, waarvan ik de eerste week heerlijk bij kan komen van alles. In de tweede week actief wat dingen kan ondernemen en wat van het land kan zien. En in de derde week weer in alle rust kan doorbrengen.’

Heb je wel eens leuke of juist dramatische gebeurtenissen meegemaakt tijdens een van jouw vakanties?

‘Dan kom ik toch weer terug op mijn vliegangst en de gebeurtenis die daardoor ontstond. We hadden een vakantie geboekt naar de Dominicaanse Republiek, maar door mijn vliegangst nam ik destijds slaappillen in voordat ik in het vliegtuig stapte. Ik spreek over tien tot vijftien jaar geleden. Ik had toen het idee dat deze slaappillen me deze keer niet rustig maakten. Dus toen we in het vliegtuig zaten had ik er nog maar twee ingenomen. Eenmaal in de lucht hadden we wat turbulentie. Nog steeds had ik het idee dat het niet hielp, dus ik nam er nog maar twee in. Mijn vrouw probeerde mij te weerhouden. Maar ik liet me door de paniek niets vertellen. Ondertussen deden de pillen zijn werk. Dat gebeurde op een vreemde manier. Dit uitte zich in vreemd gedrag van mijn kant. Ik ging met mijn videocamera alle mensen in het vliegtuig langs en maakte er toen al in die tijd een soort vlog van. Eenmaal weer zittend in mijn stoel, het was ondertussen avond, en vele mensen die al in slaap gedoezeld waren, dacht ik ineens te zien dat een van de motoren in brand stond! Dus ik riep in paniek de stewardess erbij en schreeuwde dat de motor in brand stond. Mijn vrouw en de stewardessen moesten heel veel moeite doen om mij weer rustig te krijgen. Maar ik was en bleef overtuigd van wat ik had gezien. Wat achteraf dus gewoon de averechtse werking van de slaappillen was. Ik was compleet aan het hallucineren.’

Hoe ging het verder toen je eenmaal was aangekomen?

‘Ik liep het vliegtuig uit, langs de douane zonder bagage, en liet mijn vrouw geheel aan haar lot over. Die moest maar zien hoe ze het ging redden om alle bagage in haar eentje mee te krijgen. In die tijd rookte ik nog, dus mijn vrouw vond mij buiten zittend en rokend op de grond. Het verhaal kreeg nog een vervolg. Want wat ik toen niet snapte en waar ik geen begrip voor had, was dat mijn vrouw me op een rustige, maar op een dringende toon verzocht een beetje normaal te doen. In de bus op weg naar het resort heeft ze me een paar keer op mijn stoel moeten trekken omdat ik waarschijnlijk weer dingen wilde gaan doen die niet door de beugel konden. Na een lange reis en veel afzien, vooral voor mijn vrouw, arriveerden we eindelijk in het resort. Aangekomen op de kamer sprak mijn vrouw me weer aan op mijn gedrag tijdens de reis door de overdosis aan slaappillen. Dat was voor mij op dat moment de druppel die de emmer deed overlopen. Ik ben weggegaan. Vraag me niet waar ik allemaal geweest ben want dat kan ik me niet eens meer herinneren. Het enige wat ik nog weet is dat ik mijn kamer ook niet meer terug kon vinden. En dat ik opeens erg moe en slaperig werd. Dat ik wakker werd gemaakt in een vreemde kamer. Gelukkig bleek dat in het resort te zijn. Ik bleek door vreemde mensen naar de receptie te zijn gebracht. Uiteindelijk hebben ze me in mijn kamer weten te krijgen waar mijn vrouw ongerust op me zat te wachten. Ze had in eerste instantie gedacht dat ik niet in zeven sloten tegelijk zou lopen. Door de werking van de pillen en omdat ik op een vreemde plaats was waar je ’s avonds je beter niet kunt laten zien, was zij ten einde raad. Wel was er een paar honderd dollar uit mijn portemonnee verdwenen. Ik kon me niets meer herinneren.’

Heb je nog van de vakantie kunnen genieten?

‘De eerste twee dagen van deze vakantie heb ik door de uitwerking van de pillen niet meegemaakt. Dit was zeker geen leuke vakantie voor mijn vrouw en ik baal er zelf nog steeds erg van. Sindsdien deden we de slaappillen niet meer in de handbagage maar in de ruimbagage. Sinds een paar jaar neem ik ze helemaal niet meer in! Ik ben erachter gekomen dat je beter nuchter in een vliegtuig kunt stappen dan dat je onder invloed bent, want dit werkt voor mij totaal averechts.’

Naar welke televisieprogramma’s kijk je het liefst?

‘Ik kijk het liefst naar komedies en sciencefiction. Natuurlijk kijk ik ook naar de nieuws- en actualiteitenprogramma’s, maar ik kan niet zeggen wat er momenteel in deze wereld allemaal gebeurt.’

En je voelt hem al aankomen, welke televisieprogramma’s bekijk je bewust niet?

‘Soapseries, realityseries zoals “Utopia”. Ik heb hier een bloedhekel aan. Die mensen schelden alleen maar. Dan komt in mijn gedachten mijn jeugd weer naar boven. Mijn verblijven in kindertehuizen en daardoor heb ik ook een ontzettende hekel aan ruzie maken!’

Als je een maand op een onbewoond eiland zou moeten verblijven, wat zou je dan meenemen?

‘Mijn vrouw Diny en ik zijn 24 uur per dag samen dus eigenlijk zijn we een soort Siamese tweeling, haha! Die moet natuurlijk mee. Mijn gitaar gaat zeker mee want ik kan me geen leven zonder muziek maken voorstellen. Gelukkig zijn mijn stembanden geen ding en die heb ik die sowieso altijd bij me! Daarnaast neem ik mijn hond DJ mee. We zijn eigenlijk ook onafscheidelijk en dan kan ik toch tegen hem praten. Al geeft hij geen antwoord. En het derde ding… ik zou geneigd zijn mijn mobieltje mee te nemen, maar als de accu leeg is, heb je er ook niets aan. Tenzij je een zonnepaneeltje meeneemt om het op te laden. Maar het is misschien ook wel weer eens goed om een tijdje zonder te moeten! Dus als laatste zou ik toch wel een rubberboot meenemen voor als ik het echt niet meer zie zitten, zodat ik wel weg kan. Ik heb jaren geleden ook meegedaan aan het programma “Bobo’s in the Bush” en weet dus dat eten, vuur en drinken van groot belang zijn om te kunnen overleven. Dus eigenlijk zou ik dat moeten noemen, maar ik ga er vanuit dat dat allemaal toch wel te vinden en te realiseren is. Immers tijd genoeg dan, haha!’

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*