Marieke Knies, dierenarts in hart en nieren: ‘Wat ik altijd sneu vind, zijn benauwde dieren, zoals katten en honden’

‘Ik denk meer aan hoestende honden en brakende katten, dat puzzelen met die patiëntjes. Waanzinnig leuk om te doen,’ aldus Marieke Knies (foto: Richard Helwig).

Laatste update 27-03-2017 – Van jongs af aan wist Marieke Knies dat ze dierenarts wilde worden. Die droom kwam uit. Met een vader als huisarts en een moeder als verpleeghuisarts, lag de appel niet ver van de boom. Over die toen gemaakte keuze zegt ze nu lachend: ‘Dieren zijn toch veel leuker?’ Richard Helwig ging met haar in gesprek.

Om te kunnen beginnen met studeren, moest Marieke de nodige moeite doen. Ze liet zich hierdoor niet uit het veld slaan. ‘Het eerste jaar in Utrecht was ik helaas uitgeloot. Dat was een teleurstelling. Maar ik wist dat er in Gent ook een opleiding bestond. Daar ben ik naar toe gegaan. Ondertussen werd ik voor het tweede jaar ingeloot in Utrecht en ben toen alsnog omgeswitcht. Dat betekende toch minder reistijd. Ik moest opnieuw beginnen aan die opleiding. Ik ben in 2005 afgestudeerd in de richting gezelschapsdieren en paard. Ik ben daarna twee keer voor een periode in Australië geweest en werkte daar op een paardenbedrijf om dingen bij te leren. Tussen die twee periodes in was ik in Nederland, waar ik waarnemingen heb gedaan.’

Puzzelen met die patiëntjes

Uiteindelijk gaat ze in 2007 aan de slag bij bij Dierenkliniek Rijnoever in Alphen aan den Rijn. ‘Ik wilde me verder verdiepen, met name in de interne geneeskunde. Ik ben niet zo’n orthopeed, ik hou niet zo van gebroken botten en zo, daar kan ik niets mee. Ik denk meer aan hoestende honden en brakende katten, dat puzzelen met die patiëntjes. Waanzinnig leuk om te doen. Met name bij katten. Want die zijn lastig. De eigenaar geeft altijd aan dat “hij het niet doet”. En dat kan tweehonderd oorzaken hebben. Aan mij de keuze om daar de juiste uit te halen.’

Op de kattengeneeskunde

In oktober 2014 gaat Marieke werken in het Anicura Diergeneeskundig Verwijscentrum Dordrecht, een grote en volledig uitgeruste verwijskliniek, waar ze de meest uiteenlopende patiënten voorbij ziet komen. In dezelfde tijd startte ze met de Australische Feline Medicine Distance Education, een intensieve opleiding. In 2016 heeft ze vervolgens examen gedaan, waardoor ze nu, als tweede Nederlander, member is van het Australian and New Zealand College of Veterinary Scientists. Deze titel betekent dat ze zich als dierenarts extra heeft toegelegd op de kattengeneeskunde. ‘Dit is het beste wat ik heb kunnen doen, want in Nederland bestaat zoiets niet. Het heeft mij twee jaar van mijn sociale leven gekost, maar ik heb er in de dagelijkse praktijk erg veel aan. Ik merkte dat ik daardoor stukje bij beetje een naam ben gaan opbouwen. Dat ik steeds meer katten doorverwezen ben gaan krijgen met de vraag of ik er eens naar wil kijken.’

Niet langs allerlei plaatsen

Een groot pluspunt van het Anicura Diergeneeskundig Verwijscentrum Dordrecht is volgens Marieke dat er zoveel mogelijk is onder één dak. ‘Je hoeft als baasje en patiënt niet langs allerlei plekken, het kan allemaal hier. Vaak lukt dat zelfs binnen een dag. Daardoor maakt ze maakt veel mee. ‘Wat ik altijd sneu vind, zijn benauwde dieren, zoals katten en honden. Het is vervelend om naar te kijken en vaak wordt bij dit soort gevallen de dierenarts te laat ingeschakeld. Omdat ze het goed verborgen weten te houden. Een dier gaat gewoon minder doen en meer slapen. Voor een baasje is dat lastig. Die zal niet zo snel de ademhaling gaan tellen. Ook jonge dieren die heel ziek zijn, die niet meer beter zullen worden, zijn akelig. Als een dier zeventien jaar is, dan is dat ook zielig, maar dan heeft hij hopelijk wel een prachtleven gehad. Bij een kitten van zes maanden met een infectieuze aandoening waar we niets aan kunnen doen, ligt dat toch anders. Als zo’n dier doodgaat, dat blijft rot. Zoiets went nooit, ook als dierenarts niet.’

Cursussen en congressen

Door het zich steeds meer toeleggen op de kattengeneeskunde en de interne geneeskunde in het algemeen, is Marieke geworden tot wat ze nu als dierenarts is. Zelf in het bezit van katten, doet ze dat onder meer door het volgen van allerlei cursussen en congressen in binnen- en buitenland. Zo volgde ze de master opleiding van de European School of Advanced Veterinary Studies. En is ze bestuurslid van de Nederlandse Werkgroep voor Kattengeneeskunde. Deze groep organiseert bijeenkomsten en lezingen voor Nederlandse dierenartsen met een interesse in kattengeneeskunde. Verder is ze lid van de International Society of Feline Medicine.

‘Of een katteneigenaar aan wie ik vroeg wat het beestje te eten kreeg. Ja, gewoon frikandel en witvis.’

Als een ding

Niet zelden wordt een huisdier klakkeloos aangeschaft. Als een ding. Marieke Knies komt regelmatig schijnende gevallen tegen in de praktijk: ‘Ik vind dat overal waar dieren worden verkocht, de consument goed moet worden voorgelicht. Over wat het hebben van een dier precies inhoudt.’ Mensen zijn voor een belangrijk deel zelf verantwoordelijk voor de juiste kennis van zaken bij de aanschaf en verzorging van hun huisdier. Het geven van de juiste voeding maakt daar volgens haar een essentieel onderdeel van uit. ‘Ik heb eens een mevrouw op het spreekuur gehad aan wie ik vroeg wat haar konijn te eten kreeg. Ze had het over brokjes. En hooi? Dat was voor het eerst dat ze dat hoorde. Dat een konijn hooi moest hebben. Of een katteneigenaar aan wie ik vroeg wat het beestje te eten kreeg. Ja, gewoon frikandel en witvis. Maar wat krijgt hij aan brokjes, vroeg ik toen. Dat kreeg hij niet want dat lustte hij niet. En dus was het niet verwonderlijk dat ik op de door ons gemaakte röntgenfoto de nodige skeletafwijkingen constateerde. Hij liep kreupel en had veel last van zijn rug. Dit soort gevallen zijn niet nodig. Een skelet kun je immers niet meer herstellen. Als zo’n dier geen brokjes eet, moet je een ander merk uitproberen. Of nat voer. Maar geen frikandel en witvis.’

Teveel tussendoortjes

Marieke maakt het maar al te vaak mee. Baasjes met te dikke dieren op het spreekuur. ‘Dat is eigenlijk ook een vorm van een verkeerde omgang met het dier. Je hebt mollig en super overgewicht; dat laatste vind ik eigenlijk dierenmishandeling. Als een hond vierkant en kortademig is en het baasje aangeeft dat hij zo van eten houdt en zo zielig kijkt omdat hij iets wil hebben, dan denk ik, weet je wat zielig is? Dat zo’n dier twee jaar eerder dood gaat omdat hij overgewicht heeft. Dit klinkt wellicht heel hard, maar mensen beseffen niet hoe slecht overgewicht is voor de gezondheid van hun dier.’ Volgens haar moet de oorzaak met name worden gezocht in het teveel tussendoortjes geven en het te weinig met het dier doen. ‘Ga regelmatig met de hond wandelen. Laat hem rennen op het strand.’

Past het karakter bij mij?

Een duidelijk advies van Marieke is om je vooral eerst goed in te lezen op het moment dat je een dier wilt gaan aanschaffen. Het voorkomt een hoop problemen. ‘Mocht je een rashond of raskat willen hebben, vraag op voorhand informatie op over het ras. Past het karakter bij mij? Is dit een gezond ras of hebben ze allerlei problemen? Overleg eerst met je dierenarts. Het is natuurlijk hartstikke schattig, zo’n snurkende Franse buldog pup. En geloof me, ook ik vind ze schattig, maar eigenlijk zijn ze een beetje zielig. Want dat snurken, dat is omdat ze niet genoeg lucht krijgen in verband met hun te nauwe neusgaten, een te lang gehemelte en een te smalle luchtpijp. Zeker als het een beetje warm is, worden ze snel benauwd. Iedere zomer hebben we meerdere kortsnuitige honden in de spoed met oververhitting. Als je het zo bekijkt is het een stuk minder leuk. Hetzelfde geldt voor Perzische katten met extreem platte snuitjes, zij hebben vaak traanoogjes en soms ook moeite met ademen vanwege hun platte neus. Sommige hondenrassen krijgen bijna standaard een hartprobleem, andere hebben huidproblemen. Dit soort gezondheidsproblemen draagt zo’n dier levenslang mee. Mensen hebben geen idee van de problemen die spelen bij bepaalde rassen. Men verdiept zich er helaas onvoldoende in, terwijl er een hoop geld wordt neergelegd voor een rashond of raskat.’ Hieruit blijkt dat de schoonheid belangrijker wordt gevonden dan het welzijn van het dier. Is voor dat nodeloos doorfokken een oplossing te bedenken? Marieke: ‘Het is schijnbaar moeilijk om hier een eind aan te maken. Het is mooi als er steeds strengere richtlijnen zouden kunnen worden ingevoerd. Om te proberen rassen weer terug te fokken, bijvoorbeeld van een korte naar een langere neus. Dat gebeurt ook wel, maar zoiets gaat langzaam. Het is moeilijk om dat soort regels op te leggen aan fokkers. En blijkt een geldkwestie. Gelukkig zijn er ook een heleboel honden- en kattenrassen die relatief weinig gezondheidsproblemen hebben.’

Hoop dierenleed

In de praktijk komt Marieke regelmatig puppies tegen van zogenaamde broodfokkers. ‘Hierbij wordt er alleen maar gefokt om geld te verdienen. Met pups in de aanbieding van verschillende rassen. Die komen frequent uit het buitenland, bijvoorbeeld uit Tjechië of Polen. Officieel hebben ze alle vaccinaties gehad en zijn ze gezond verklaard door een dierenarts, maar meestal klopt er niets van. De pups zijn niet zelden ziek en verkeren in slechte conditie. We zien veelvuldig dat deze dieren bijna direct na aankoop bij ons aangeboden worden en Parvo, dat is een ernstige ziekte, of een nare longontsteking blijken te hebben. Er wordt overal gewaarschuwd tegen het kopen van pups en kittens uit de broodfok, maar het gebeurt toch nog steeds zeer regelmatig. Mensen denken relatief goedkoop een “rashond” te kunnen kopen, maar uiteindelijk kan je dus een stuk duurder uit zijn en bovendien zit er echt een hoop dierenleed achter. Je wilt niet weten hoe die honden gehouden worden.’ Ze raadt mensen aan om ook eens aan een asieldier te denken. ‘Daar zitten hartstikke leuke honden, katten en konijnen tussen. Bij een goed asiel wordt er gekeken welk dier er bij een eigenaar past. Bij het asiel Louterbloemen waar wij veel mee werken, hebben ze bijvoorbeeld het “Meet your Match” systeem, waarbij dieren na een test opgedeeld worden in verschillende persoonlijkheden. Als mensen naar het asiel komen omdat ze een hond of kat willen, dan krijgen ze een vragenformulier om in te vullen. Op deze manier wordt er een match gemaakt. Uiteindelijk moeten mensen zich er van bewust zijn dat dieren aandacht en zorg nodig hebben. Dieren neem je er niet even bij.’

Permanent te bereiken

Marieke werkt bij Anicura Diergeneeskundig Verwijscentrum Dordrecht, waar de modernste medische technieken samengaan met de liefde voor het dier. Het uitgebreide team van dierenarts-specialisten, dierenartsen en paraveterinairen staat altijd klaar. Het is het enige Verwijscentrum in Zuid-West Nederland dat overdag, ‘s nachts en in het weekend permanent te bereiken is voor spoedgevallen en verwijzingen. De praktijk is geopend van maandag tot en met vrijdag van 08.00 tot 18.00 uur. Voor spoedeisende gevallen buiten openingstijden en in het weekend kun je bellen via telefoon 078-6160023. Anicura Diergeneeskundig Verwijscentrum Dordrecht (www.verwijscentrum.nl) is gevestigd aan de Jan Valsterweg 26 in Dordrecht, telefoon 078-6160023, dordrecht@anicura.nl.