Stan in ‘Stan & Ollie’ tegen Oliver: ‘Je bent gewoon een luie donder die mazzel had dat je mij ontmoette’

Steve Coogan speelt de dunne Stan, terwijl John C. Reilly met de nodige make-up en kunstmatige aanpassingen gestalte geeft aan de dikke Oliver. Een meer dan treffende gelijkenis bestaat er niet (foto: Entertainment One).

Laatste update 05-03-2019 – Stan Laurel en Oliver Hardy vormden het grootste komische duo dat Hollywood ooit gekend heeft. Voor miljoenen kijkers gaat de eerste kennismaking terug naar hun kindertijd. In ‘Stan & Ollie’ speelt het verhaal zich af achter de schermen, in plaats van ervoor. Wat maakt die inhoud zo bijzonder? Richard Helwig dook in de leerzame materie van de conversaties, gericht op de hechte vriendschap. Waren er dan nooit problemen tussen die twee? Daarnaast vroeg hij twee kenners, Bram Reijnhoudt en Sem Donkers, naar hun mening over deze film.

Het is het jaar 1953, in het naoorlogse Groot-Brittannië en Ierland. Met hun hoogtijdagen achter zich, besluiten Stan Laurel en Oliver Hardy hun triomfantelijke afscheidstournee af te leggen. Zo zegt Oliver tegen Stan: ‘We doen dit tot we aan onze nieuwe film beginnen.’ Ondanks de druk die op hen ligt wegens een hectisch schema, weten ze met de steun van hun echtgenotes hun status veilig te stellen bij het aanbiddende publiek. In de hoofdrollen zien we, zoals in de films van Laurel en Hardy het geval was, een Brit en een Amerikaan, de acteurs Steve Coogan en John C. Reilly. Uit de beelden blijkt hoeveel de twee van elkaar hielden, hoe ze werden ondersteund door hun echtgenotes Ida (Nina Arianda) en Lucille (Shirley Henderson), overigens een apart duo op zich! Over hoe ze de harten stalen van hun fans, waar ze veel respect voor hadden (zelfs toen Stan al flink op leeftijd was, beantwoordde hij al hun brieven persoonlijk). Regisseur is Jon S. Baird, een ‘awardwinning’ regisseur, en onder meer bekend van de film ‘Fifth’.

Nog niet eerder vertelde verhaal

Je zou rustig kunnen zeggen dat ‘Stan & Ollie’ een verhaal is, doordrenkt van een vriendschap, tussen twee ouwe gabbers die toevallig grote komieken zijn. Een verhaal over twee mensen die zich realiseren dat ze eigenlijk niet zonder elkaar kunnen. Over wat voor mensen zij waren als zij niet op de filmset stonden. Samen met het ontdekken van die twee verschillende kanten. En dat blijkt een enorm verschil ten opzichte van hun alter ego’s op het witte doek te zijn. Belangrijk om te weten is dat de film gebaseerd is op het nog niet eerder vertelde verhaal, en dus niet die humor bevat zoals je misschien op het eerste gezicht zou denken als je die twee voor ogen hebt. Sterker nog, het is drama. John C. Reilly geeft met de nodige make-up en kunstmatige aanpassingen gestalte aan de dikke Oliver terwijl Steve Coogan de dunne Stan speelt. Een meer dan treffende gelijkenis bestaat er niet. Stan begon scripts te schrijven voor de twee typetjes. In het jaar 1929 waren hun films de populairste serie in de Roach Studio. Oliver stond bekend om zijn mooie stem. In verschillende films zingt hij gevoelige liedjes, denk aan ‘Lazy Moon’ en ‘Shine On Harvest Moon’.

‘Mazzel? Met een man die zich altijd achter zijn typmachine verbergt?’

Meer dan honderd

Arthur Stanley Jefferson werd op 16 juni 1890 in het Engelse plaatsje Ulverston geboren. Hij was de zoon van Arthur en Madge (Margaret) Jefferson, beiden actief in de Britse theaterwereld. Ollie Norvell Hardy zag in 1892 in het Amerikaanse Georgia het eerste levenslicht. Als kind bestudeerde hij in het hotel van zijn vader de gasten in de lobby, hierdoor wist hij zijn acteertalent te ontwikkelen. In de tijd van de stomme film, en dan hebben we het over de jaren twintig van de vorige eeuw, veroverde het filmduo de wereld. En na de komst van de geluidsfilm ging dat door. Veel artiesten hadden moeite met die overgang. Stan en Oliver gingen er makkelijker mee om. Verschillende uitspraken werden beroemd. Kijk naar die van Oliver als hij weer eens in de problemen zat: ‘Why don’t you do something to help me?’ Het betrof niet alleen maar de korte films die ze maakten, ook de langere versies waren in trek. Sommige titels bleken wat minder succesvol. Als duo maakten ze er meer dan honderd.

Onderlinge verhoudingen

Beiden brachten in de verhalen niet alleen zichzelf in de meest uiteenlopende problemen, hun omgeving moest het eveneens ontgelden. De meest simpele situaties liepen in een handomdraai uit tot een onvoorstelbare puinhoop. Oliver speelde de meest verstandige, overwichtige, hoogdravende man, meer een betweter. Terwijl Stan in de praktijk gewoon slimmer bleek te zijn, maar zich veelvuldig manoeuvreerde in een slachtofferrol. De karakters waren dusdanig bepaald dat ze best vaak ruzie hadden, maar dat dit binnen korte tijd weer helemaal kon zijn bijgelegd. Ze vulden elkaar volledig aan als het ging om het gezamenlijk trachten uit de problemen te komen. Daarentegen zijn de onderlinge verhoudingen tussen Stan en Oliver in de privésfeer in de loop van hun geschiedenis relatief maar matig belicht. Uit de film ‘Stan & Ollie’ blijkt dat die verhoudingen niet altijd even optimaal waren. De filmmakers zijn op zoek geweest naar de nodige voorbeelden daarvan. Zo zegt Oliver tegen Stan: ‘We hadden iets moois samen, maar jij koesterde een wrok omdat ik een film maakte met iemand anders.’ En Stan tegen Oliver: ‘Daar kon ik dagenlang niet van slapen. Je bent gewoon een luie donder die mazzel had dat je mij ontmoette.’ Oliver op zijn beurt: ‘Mazzel? Met een man die zich altijd achter zijn typmachine verbergt?’ Hierbij doelt hij op het feit dat Stan de meeste creatieve invloed op het maken van de films had, terwijl Oliver zich beperkte tot het acteerwerk voor de camera. Of deze scène waarin Stan tegen Oliver zegt: ‘Je hebt me verraden. Onze vriendschap.’ En Oliver tegen Stan: ‘Je bent leeg!’ In deze situaties leert de kijker de hoofdpersonen kennen uit de handelingen die zij verrichten.

Op een doordachte manier

Het uiterlijk van Stan (dun) en Oliver (dik), met hun uiteenlopende postuur, zorgt voor een groot contrast dat rechtstreeks gerefereerd kan worden aan de geheel verschillende karakters van het tweetal. Zelfs de filmstudio wilde dat Oliver niet op dieet zou gaan om het contrast tussen hem en Stan vast te houden. Karakters in een film moeten op een doordachte manier worden bepaald. Oliver friemelt regelmatig aan zijn stropdas en doet allerlei uitspraken die in hun films terugkomen, zonder dat het bij de kijker verveelt. Zoals het in ogenschouw nemen van wat Stan in een bepaalde situatie aan het doen is, om hem vervolgens opzij te schuiven en te zeggen: ‘Let me do that!’, waarbij hetgeen hij gedaan wilde krijgen, alsnog op een teleurstelling uitdraait. Zelfs de kijker wordt betrokken in scènes als Oliver met een wanhopige blik in de camera kijkt. Een van de meest bekende uitspraken is toch wel: ‘Well, here’s another nice mess you’ve gotten us into!’. Stan krijgt de schuld, terwijl hij er net zoveel aan had kunnen doen.

Teken van zorgzaamheid

In de film is voldoende ruimte gecreëerd voor de echtgenotes van Stan en Oliver en de rollen die zij innamen. We zien Oliver, zwetend achter de coulissen. In één oogopslag is zichtbaar dat hij zich niet lekker voelt en het niet goed is gesteld met zijn gezondheid, waaronder het hebben van hartproblemen en een slechte knie. Met een scène waarin Oliver op de bank zit, terwijl zijn echtgenote ernaast staat en tegen hem zegt: ‘Je kunt het podium niet op in je huidige conditie. Ik hou van je, maar ik ga niet toekijken hoe deze tour je dood wordt.’ Het is een teken van zorgzaamheid tussen deze twee personen. Oliver kampte met de nodige gezondheidsproblemen waardoor werk voor hem onmogelijk werd. Bijna net zoals bij hun karakters in hun films het geval was, konden ze geen werk meer vinden in Amerika, en dus begonnen ze aan een afscheidstournee. Met een gestelde conclusie: ‘Weinig publiek gisterenavond. Men wil Laurel en Hardy blijkbaar niet meer zien.’ Het slaat op de halfvolle theaterzalen waarmee ze werden geconfronteerd. In het verhaal slaat de vertwijfeling regelmatig toe. Zoals de scène waarin de echtgenote van Oliver tegen hem zegt, terwijl ze samen in één bed liggen: ‘Laat ie je te hard werken, schat?’ Waarop Oliver antwoordt: ‘Je kent Stan.’ Of deze scène waarbij Stan van zijn vrouw te horen krijgt: ‘Je had allang “vaarwel” tegen Oliver kunnen zeggen.’

Onafscheidelijk

Uiteindelijk weten Stan en Oliver elkaar altijd weer te vinden. Zo zegt Stan tegen zijn echtgenote, terwijl ze aan de bar zitten: ‘Ik had ons deze tour nooit moeten laten doen. Ik hou van hem, Ida.’ Een moment van ontroering is de scène waarin Oliver bij Stan in het hotel Savoy in Londen aanklopt, waar ze tijdelijk verblijven. Als die de deur net heeft opengedaan, vraagt Oliver: ‘Je vertrekt toch niet, hè Stan? De show moet altijd doorgaan.’ Stan knikt. Beiden grinniken. Dat ze onafscheidelijk zijn, blijkt wel uit de woorden van Stan tegen zijn echtgenote: ‘Als je onze films ziet, gaat het altijd om ons tweeën.’ Nog een voorbeeld hiervan is deze. Terwijl Oliver ziek in bed ligt, zegt hij tegen Stan: ‘We hadden alleen elkaar. Ik heb nergens spijt van. En jij moet ook nergens spijt van hebben.’ Het was 1955 toen ze voor het laatst optraden in het openbaar. Twee jaar later overleed Oliver aan de gevolgen van hartproblemen en beroertes, waarna Stan het besluit nam om te stoppen met acteren. Hij stierf in 1965.

Elementen, gebeurtenissen en incidenten

Bram Reijnhoudt schreef meerdere boeken over Laurel en Hardy. Is oprichter in 1968 van de Sons of the Desert-Nederland, het international Laurel en Hardy Genootschap, en actief als eindredacteur van het magazine Blotto, welke helemaal is gewijd aan het duo. Het verhaal van ‘Stan & Ollie’ is volgens hem ‘echt ‘een tour de force’ van de scriptschrijver, Jeff Pope. ‘Hij heeft de elementen, gebeurtenissen en incidenten, uit het leven van de boys, zoals we die kennen uit biografieën en documenten, zo aan elkaar geregen en heeft hier zo over uitgewijd, dat je in kort bestek een goede indruk krijgt over hoe de onderlinge verhoudingen zijn geweest. Of moeten zijn geweest, kun je misschien beter zeggen.’ Hij noemt de keuze voor de hoofdrolspelers John C. Reilly en Steve Coogan perfect: ‘Niet alleen omdat ze een beetje lijken op Stan en Ollie, en na uren in de make-up veel lijken op Stan en Ollie, maar omdat ze ook hun gebaren, ticks en mimiek hebben bestudeerd om het beeld te versterken. En trouwens, als je in het verhaal meegesleept wordt, vergeet je de verschillen tussen echt en nagespeeld, en worden ze gewoon Stan en Ollie.’

Grote artistieke vrijheden

En hoe zit het met de werkelijkheid van de film? Bram: ‘De dialogen zijn natuurlijk voor het grootste deel verzonnen. Ik heb er eentje herkend als Ollie tegen zijn vrouw zegt hoe het mogelijk is dat ze van zo’n dikke man kan houden. Die uitspraak komt letterlijk uit een interview van biograaf John McCabe met Lucille. De filmmakers hebben zich grote artistieke vrijheden veroorloofd om in anderhalf uur te laten zien hoe Laurel en Hardy tijdens de tournees, dagelijks van vroeg tot laat, op elkaar aangewezen waren. Echte vriendschap voor elkaar gingen voelen. Want tijdens hun werkzame leven in de filmstudio’s waren ze geen echte vrienden. Stan was altijd aan het werk, ook als de camera’s niet draaiden, met schrijven of monteren. Oliver had zijn eigen vrienden met wie hij zich vermaakte op de golfbaan of bij de paardenrennen.’

‘Dat straalt er vanaf. Er is duidelijk met liefde en toewijding aan deze film gewerkt.’

Dramatisch effect

In de film ‘Stan & Ollie’ is er volgens hem ook ‘geleend’ uit andere tijdvakken. ‘Ze waren inderdaad juryleden bij een schoonheidswedstrijd zoals wordt gespeeld, maar niet tijdens hun laatste toernee, maar bij een eerdere in 1947. En Oliver is toen niet in elkaar gezakt. Stan is nooit ingegaan op een verzoek van hun manager om met een andere komiek het toneel op te gaan, toen bij Oliver achteraf na een griepje, een lichte hartaanval was geconstateerd. Oliver had wel ooit, dat was in 1939, een film gemaakt met een andere komiek, Harry Langdon, maar heeft die heftige woordenwisseling tussen Stan en Ollie met verwijten over en weer, ooit plaatsgevonden, waar of wanneer dan ook? We weten het niet, maar ja, het zou kunnen. We weten van tijdgenoten dat er wel strubbelingen waren tijdens hun werkzame leven in de studio. Is het geen goed recht van de filmmakers om dat te gebruiken en aan te dikken als dramatisch effect, om hun verhaal goed over te brengen op de kijker? Het was, geloof ik, regisseur Jon S. Baird die zei: de film is een liefdesbrief aan Laurel en Hardy. Dat straalt er vanaf. Er is duidelijk met liefde en toewijding aan deze film gewerkt.’ Of ze tenslotte arm zijn gestorven? Bram: ‘Dat niet, maar ze hadden het niet breed. En als je ernstig ziek wordt in Amerika, ben je gauw door je spaarcentjes heen. Dat was toen, en dat is nog zo.’

Een interessant leven

Sem Donkers is eveneens kenner van het tweetal en kijkt hun films regelmatig. ‘Het mag misschien in zwart-wit zijn, maar als je één van hun films kijkt vergeet dat al snel. De komedie van die twee is, zoals Rufus Jones als Bernard Delfont in de film zegt: “pure magic”. Ik heb me heel erg verdiept in het leven van Laurel en Hardy. Ze hadden een interessant leven. Zoals, waar in het begin van de film kort naar wordt verwezen, de losse contracten waar Stan en Oliver aan vast zaten tijdens hun periode bij de Hal Roach Studios. In de film wordt Hal Roach beschreven als een ‘parvenu’, maar in het echt was hij een goede vriend van Stan en Oliver. Tot het gedoe met de contracten. Ik heb ook een boek geschreven, een vervolg op ‘Chez Charlie Chaplin’, over hun leven, en ik hoop dat een uitgever het wil gaan uitgeven. En ik werk nog aan een voorstelling over Stan en Oliver, dus dan moest ik ook wel het een en ander over hun leven weten.’

Alsof je zelf in de zaal zit

Wat Sem het meeste is bijgebleven na het kijken naar ‘Stan & Ollie’? ‘Ik denk meerdere dingen. Namelijk de sketches die ze op het toneel uitvoerden, omdat Laurel en Hardy gewoon weer tot leven waren gewekt. De hoofdrolspelers hebben het geweldig gedaan. En de stukjes over de Robin Hood film, omdat die nooit gemaakt is, maar we toch hebben kunnen zien hoe de film er ongeveer uit zou hebben gezien. Ik vond het een geweldige film. Toen het orkest “The Dance of the Cuckoos” begon te spelen, gaf dat een kick. Steve Coogan en John C. Reilly spelen stukjes na uit hun films, of ze spelen de sketches die Stan en Oliver ook op tournee deden. Het geeft je een gevoel alsof je zelf in de zaal zit, in zo’n Brits theatertje, in het jaar 1953. En het is een mooie film voor iedereen die Laurel en Hardy nog niet mochten kennen.’

‘Stan & Ollie’ is inmiddels uitgebracht op dvd.